Voor en tegen

Twee kanten

Argumenten verzinnen voor en tegen een stelling.

In twee- of viertallen.

  1. Vouw een vel in twee helften;
  2. Links schrijf je voor, rechts schrijf je tegen;
  3. Bedenk nu argumenten voor en tegen de stelling;
  4. Verplaats je in een mening ook als je het niet mee eens bent!
  5. Schrijf ze op in de goede kolom.