Organisatie van gesprekken

Zoemrondje

Met de buren
  1. Je krijgt een vraag, stelling of opdracht;
  2. Praat erover met je ene buur;
  3. Praat erover met je andere buur;
  4. Het gesprek gaat verder in de kring.

Bijenkorf

Net als een bij
Hoe doe je dat?
  1. Je krijgt een vraag of een opdracht;
  2. Je loopt door elkaar in de klas;
  3. Bij het signaal zoek je iemand die vlak bij je staat;
  4. Je praat samen over de vraag of opdracht;
  5. Bij het volgende signaal loop je verder.

Tip: Als je niemand kunt vinden steek dan je hand even op.

GrootkleinGroot

Opsplitsen en terugkomen
Hoe gaat het?
  1. De grote groep gaat uit elkaar in kleine groepjes;
  2. Elk groepje krijgt een opdracht;
  3. Je verdeelt de taken:
  4. Wie schrijft op;
  5. Wie gaat presenteren in de grote groep.
  6. Je werkt in kleine groepjes samen aan de opdracht;
  7. Elk groepje presenteert in de grote groep.